De Dokwerker

De Tweede Wereldoorlog met een link naar Amsterdam

Door de ogen van Ben Verzet

Noodgeld

Als klein jongetje spaarde ik munten, ben er nog gek op maar dan anders. Van alle jaartallen wilde ik de centen, dubbeltjes enzovoort hebben, een dure aangelegenheid als je van je zakgeld ook nog wat ander dingen wilt doen.
De gehele dag liep ik dus de jaartallen na te kijken van elk muntje dat ik voorbij zag komen. Totdat ik op een grijs vies muntje stuitte dat er uit zag als een Nederlandse munt maar toch ook wel heel anders aanvoelde.
Het bleek het zogenaamde 'zinken geld' te zijn uit de oorlog.

Van zilver naar en zink
Toen de Duitsers Nederland platwalsten en het vanaf 15 mei definitief voor het zeggen hadden spaarden de Nederlanders hun munten, die waren gemaakt van zilver en men verwachtte dat het papieren geld spoedig niet veel meer waard zou zijn maar dat de zilveren munten hun waarde zouden behouden.
De schaarste aan kleingeld veroorzaakte een run op papier geld bij de banken maar daar staken de Duitsers al snel een stokje voor door daar een moratorium op te leggen.

Het tekort aan geld werd opgelost door de uitgifte van noodgeld maar daar wilden de Duitsers niets van hebben. Het noodgeld bestond uit papiergeld. Door het verbieden bleef er een tekort aan geld en zeker aan muntgeld want men bleef de zilveren munten achterhouden.
Pas op 15 januari 1942 begon men met de uitgifte van zinken munten, dat werkte goed want de problemen die door de geldschaarste werden veroorzaakt behoorden tot het verleden. Bijkomend voordeel voor de Duitsers was dat Koninging Wilhelmina van de munt verdween, de nazi's wilden niet dat er ook maar iets herinnerde aan het op 13 mei 1940 gevluchtte Koningshuis.

Toen de muntwet werd aangepast was de zinken stuiver gebin 1942 de eerste munt die zonder de Koningin op de achterzijde werd uitgegeven als officieel en enig wettig betaalmiddel. Oude munten moesten worden ingeleverd, men kreeg daar een vergoeding voor maar slechts weinigen leverden hun geld in.
Gemiddeld werd tien procent van het oude geld ingeleverd.

Na de Duitse bezetting

In 1944 zag de regering al aankomen dat er na de oorlog een probleem zou ontstaan met de door de Duitsers in omloop gebrachte zinken munten waarop men alvast nieuwe munten liet maken. Het lelijke en met negatief sentiment overgoten zinken geld moest zo snel mogelijk vervangen worden maar er was al bepaald dat het geld nog enige tijd gebruikt kon worden als wettig betaalmiddel hoewel de Nederlandse Regering officieel de Duitse muntregeling nooit erkend heeft.

Pas op 15 april 1948 werd de nieuwe muntwet afgekondigd, gouden vijfjes en tientjes kwamen niet meer voor. Het kwartje en het dubbeltje werden van nikkel gemaakt worden, de stuiver en de cent van brons. Uit 1948 zijn er veel munten in omloop maar omdat Koningin Wilhelmina ook in dat jaar afstand deed van de troon zijn er geen munten van andere jaren in omloop gekomen met de beeltenis van Wilhelmina op de achterkant.
Prinses Juliana prijkte vanaf 1949 op de achterzijde als nieuwe Koninin der Nederlanden.
Koningin Wilhelmina overleed op 23 november 1962.

Zinken munten oxideren snel, ze worden vuil, slijten. Ze zijn nauwelijks schoon te maken, bij uitgifte lijkt zink op zilver maar dat verdwijnt snel door het gebruik ervan. Zink geeft een grijze tint. Er ontstaat op den duur een wittige aanslag die zich niet of nauwelijk laat verwijderen. Een mengsel van citroenzuur en olijfolie is het enige dat de munten nog een beetje toonbaar kan maken.
Na de behandeling (tien minuten) kun je de munten drogen en insmeren met vaseline zodat zinkroest niet opnieuw optreedt en de munt verder slijt.




Ben Verzet:

Je kunt per mail contact met mij opnemen als je een vraag hebt of een bijdrage wilt leveren.
Artikelen, foto's, noem maar op, kun je naar mijn postbus sturen.
De Dokwerker is tevens via Twitter te volgen.
Ben Verzet           Volg de Dokwerker op Twitter           Email De Dokwerker (Ben Verzet)